AI een belofte of een hoax?
Kunstmatige intelligentie doet zijn intrede in vrijwel elke organisatie. Van geautomatiseerde besluitvorming in HR-processen tot algoritmische roostering en prestatiemonitoring. Veel Ondernemingsraden krijgen geen adviesaanvraag of zijn daarop niet alert. AI wordt daarbij bovendien gepresenteerd als de sleutel tot efficiëntie, objectiviteit en groei. Maar kloppen die beloften? En wie bewaakt de belangen van de medewerkers wanneer een algoritme het werk overneemt?
Uit onze adviespraktijk van de afgelopen jaren blijkt de realiteit veel weerbarstiger dan de verkooppraatjes doen vermoeden. Organisaties investeren aanzienlijke bedragen in AI-systemen, maar een meetbare productiviteitswinst laat in de praktijk vaak op zich wachten, of blijft volledig uit. Implementatiekosten worden structureel onderschat: naast de aanschaf van technologie vergen training, procesinrichting en change management tijd en geld die zelden in de businesscase staan. Daar komt bij dat AI-systemen staan of vallen met de kwaliteit van de onderliggende data. Onvolledige, verouderde of bevooroordeelde data leiden tot uitkomsten die niet alleen onnauwkeurig zijn, maar ook schadelijk kunnen zijn.
Intussen neemt het aantal reorganisaties flink toe, met name in de financiële sector, waar grootbanken en pensioenfondsen duizenden banen schrappen en AI als voornaamste reden noemen. Maar experts van onder meer het UWV plaatsen daar vraagtekens bij. Zij zien oplopende loonkosten, stijgende energieprijzen en economische onzekerheid als de werkelijke drijfveren, en beschouwen AI in veel gevallen als een veelgebruikt excuus. AI is, met andere woorden, geen tovermiddel. maar het is wél een handig argument op het moment dat een reorganisatie toch al in de lucht hangt. Juist daarom is een kritische en goed geïnformeerde Ondernemingsraad nu urgenter dan ooit.
De Ondernemingsraad staat daardoor in onze praktijkervaring steeds vaker voor een dubbele uitdaging: meebeslissen over technologie die de organisatie als noodzakelijk beschouwt, terwijl de toegevoegde waarde ervan kritisch bevraagd moet worden. Waarom is er eigenlijk geen adviesaanvraag ingediend over de invoering van Microsoft Copilot en hoe repareer ik dat als OR achteraf? En hoe voorkomt de OR dat AI als dekmantel dient voor beslissingen die eigenlijk andere oorzaken hebben?
Tijdens deze lezing verkennen we de juridische instrumenten die de OR ter beschikking staan, de valkuilen bij de invoering van AI-systemen en de manier waarop de OR een constructief-kritische gesprekspartner kan zijn: niet als rem op innovatie, maar als waarborg voor verantwoorde en realistische inzet van technologie.